Dorsoduro

Cultuur ligt voor het oprapen

  • Home
  • Dwarskijken
  • Muurmuseum
  • Poëzie
  • School en kunst
  • Contact

Simon Vestdijk en de bruggen van Venetië

21 september 2022 door Peter Zunneberg Reageer

“Als jong meisje had Lucie een blauwe maandag kunstgeschiedenis gestudeerd”, lezen we op pagina 29 van Simon Vestdijks Een Alpenroman over de hoofdpersoon, de 43-jarige Lucie Ebbinge. Op pagina 61 wordt duidelijk dat die kunstgeschiedenistijd in München heeft plaatsgevonden. In de roman speelt dit gegeven nauwelijks een rol, hooguit als Lucie de bestudering van Botticelli in München gebruikt om opnieuw af te reizen naar Zuid-Duitsland. Maar hier is het wel belangrijk.

In Een Alpenroman noemt Simon Vestdijk een brug die gebaseerd is op de Brug der Zuchten in Venetië consequent Rialtobrug

Aan het begin van Een Alpenroman reist Lucie om gezondheidsredenen naar Gertesbad om haar intrek te nemen in hotel Goldene Ochse. Ze is ervan overtuigd dat ze een hartkwaal heeft en denkt in de zuivere berglucht aan te kunnen sterken. In het hotel ontmoet ze de 31-jarige kelnerin Anna Brandner, die al snel een brandende liefde voor Lucie opvat. Geleidelijk aan blijkt die liefde wederzijds. Toch gaat Lucie terug naar Holland en ontwikkelt de liefde zich via brieven. Pas een jaar later – met Botticelli als alibi – ontmoeten Lucie en Anne elkaar in Goldene Ochse opnieuw en komt de liefde, met vallen en opstaan – tot bloei.   

Simon Vestdijk schreef Een Alpenroman in 1960 en een jaar later werd het boek gepubliceerd. Waar het thema lesbische liefde anno 2022 nauwelijks stof meer doet opwaaien, was dat destijds anders. Waar bijvoorbeeld de recensent van het Algemeen Dagblad de roman ziek, pervers en geïnfecteerd noemt, zal de lezer van nu niet concluderen dat de liefde abnormaal is. Die lezer zal zich wel verbazen over de wijze waarop Lucie en Anna met elkaar omgaan. Zo blijft Anna Lucie hardnekkig mevrouw noemen. Het si zelfs de vraag of ze überhaupt Lucie’s voornaam kent.

In Pittsburgh, Oxford en Cambridgeis een Bridge of Sighs te vinden, die qua naam verwijst naar de Brug der Zuchten in Venetië, maar in de vorm meer weg heeft van de Rialtobrug
V.b.n.b. Hotel Auracher Löchl, Kufstein; Rialtobrug, Venetië; Brug der Zuchten, Venetië

Maar er is iets anders waar ik aan bleef hangen. Van hotel Goldene Ochse, zo beschrijft Vestdijk, worden de beide delen aan weerszijden van een straat tot één geheel gemaakt met “het verbindingsstuk, dat met zijn drie raampjes en de ondiepe boog van onderen inderdaad aan Venetië zou kunnen doen denken”. “De Rialtobrug is het geloof ik niet”, zegt Lucie’s man Henk nog. Niettemin wordt dit verbindingsstuk tot het einde van de roman toe Rialtobrug genoemd. Maar Henk Ebbinge heeft gelijk, het is niet de Rialtobrug, maar de Brug der Zuchten, de Ponte dei Sospiri die het voorbeeld is geweest.

Dit bijzondere element is niet door Vestdijk bedacht, maar hij heeft het in werkelijkheid gezien. In het Oostenrijkse Kufstein staat hotel Auracher Löchl, compleet met de door Vestdijk beschreven ‘brug’. Nu is Gertesbad een fictief Duits stadje, waarvan onderzoekers hebben vastgesteld dat het gebaseerd is op het Zuid-Duitse Oberstdorf. Dat daar een element van elders wordt toegevoegd is uiteraard geen probleem. Maar om dat als alwetende verteller tot het einde foutief te blijven benoemen is dat voor mij wel. En als personage had Lucie het met haar kunsthistorische achtergrond misschien wel moeten weten.

Maar zoekend naar geschikt illustratiemateriaal bleek dat het veel vaker fout gaat. Zo is er in Pittsburgh in Pennsylvania een Bridge of Sighs en ook Oxford en Cambridge kennen een Bridge of Sighs. In Venetië verbindt de Brug der Zuchten sinds 1603 het Palazzo Ducale met de Prigioni Nuove, de nieuwe gevangenis. De zuchten zouden zijn van gevangenen die op de brug voor het laatst daglicht zagen. Ook in Pittsburgh verbindt de brug, die dateert van 1888 een rechtszaal met een gevangenis. De betekenis van de twee Engelse bruggen moet in studentencontext gezocht worden. Zo is de brug in Oxford een korte route tussen twee gebouwen van Hertford College, die bestaat sinds 1914. In Cambridge is de brug een stuk ouder, daar verbindt de brug sinds 1831 het Third Court en het New Court van St. John’s College.

V.l.n.r. Bridge of Sighs, Pittsburgh; Bridge of Sighs, Oxford; Bridge of Sighs, Cambridge

Maar leg je foto’s van Pittsburgh en Oxford naast foto’s van de twee bruggen in Venetië en dan blijkt dat ze veel meer lijken op de Rialtobrug dan op de Brug der Zuchten. Dat zit hem vooral in de hellende delen en de punt in het midden, die de Rialtobrug wel heeft en de Brug der Zuchten niet. De brug in Cambridge heeft van allebei wel iets, maar volgens mij te weinig om hem noch naar de een noch naar de ander te kunnen noemen.

Categorie: architectuur, literatuur Tags: Cambridge, Oxford, Pittsburgh, Simon Vestdijk, Venetië

Dwarskijken: Sangallo

27 juli 2022 door Peter Zunneberg Reageer

Dwarskijken, Sangallo
Links Latijns kruis, rechts Grieks kruis

Even buiten Montepulciano (Toscane) staat de kerk van San Biagio. Architect is Antonio da Sangallo de oudere. De kerk is een fraai voorbeeld van een centraalbouw. Hier geen langgerekt schip met een transept en een koor, maar een grote open ruimte in het midden en vier zijdelen van gelijke lengte. Of zoals dat ook heet, een plattegrond volgens een Grieks kruis in plaats van een Latijns kruis. De kerk is niet uniek. Antonio’s broer Giuliano di Sangallo bouwde in Prato de Santa Maria delle Carceri. Ze baseerden zich op ideeën van Filippo Brunelleschi. Het is eerstejaars stof voor studenten kunstgeschiedenis.

Kant
Toen ik een foto zag van een dekbedovertrek met het bijschrift Sangallo lace wilde ik daar meer over weten. Waar kwam het vandaan, had de stof of manier van bewerken iets met de architectenfamilie te maken? Nou blijkt de stof of de manier van bewerken – opengewerkt en geborduurd bijvoorbeeld met kleine bloemmotiefjes – haar oorsprong te vinden in Zwitserland aan het begin van de 19e eeuw.
Antonio en Giuliano da Sangallo werden geboren in Florence respectievelijk in 1455 en rond 1445.

Giamberti
Maar dan blijkt dat Da Sangallo de bijnaam was van Antonio en Giuliano. Hun familienaam was Giamberti. Waar hadden zij dan hun bijnaam vandaan? Als Sangallo kant haar oorsprong in Zwitserland heeft, duidt dat richting Sankt Gallen, het kanton met de gelijknamige hoofdstad in het noordoosten van het land. Kwamen de broers of hun voorouders dan oorspronkelijk hier ook vandaan? Nee. In Florence was er een stadspoort, de Porta San Gallo. Architect en beeldhouwer Arnolfo di Cambio, vooral bekend door de Duomo in Florence, maakte in 1284 de eerste plannen en in 1327 werd de poort voltooid. Antonio en Giuliano werden vlakbij de poort geboren en door hun bijnaam daaraan herinnerd.

Gallus, wandschildering in de Venantiuskirche in Pfärrenbach

Gallus
Die poort was weer genoemd naar de naburige kerk en het klooster, de Chiesa e Monastero di San Gallo, die hier in 1218 gesticht werden. En dan zien we een verband. De Zwitserse stad Sankt Gallen ontstond ook op de plek waar een klooster gevestigd was. Dit klooster ws het eerste van een aantal in Europa dat genoemd werd naar de Ierse monnik Gallus die rond 590 naar het Europese vasteland kwam, om hier het christendom te verspreiden. Dat een kleine duizend jaar later twee broers, die zijn naam droegen, kerken bouwden en op die manier postuum bijdroegen aan Gallus’ idealen, is een mooi toeval. Daarentegen is het niet te verwachten dat Sangallo kant ooit tot bekeringen heeft geleid.

Foto San Biagio: Josep Renalias / Wiki Commons; foto Sangallo kant: Ankie Lok

Categorie: architectuur, Dwarskijken Tags: Antonio da Sangallo, Arnolfo di Cambio, Florence, Gallus, Giuliano da Sangallo, Montepulciano, Sankt Gallen

Dwarskijken: Rockefeller Center

15 juli 2022 door Peter Zunneberg Reageer

Bij de bouw van het Rockefeller Center, tussen 1929 en 1940, werden er op hoogte foto's gemaakt om het bouwproject bij een groot publiek onder de aandacht te brengen.

In 2013 maakten we een rondreis  langs de oostkust van de Verenigde Staten. Een kleine week bleven we in New York. Een van de tips die we hadden meegekregen was om voor een totaalblik op Manhattan niet naar het Empire State Building te gaan, maar naar Rockefeller Center. Iets minder hoog, maar volgens velen met een mooier uitzicht. Eigenlijk zou je naar beide moeten gaan om met eigen ogen te controleren.

Hoe ooit deze skyscrapers gebouwd zijn, tart elke verbeelding. Met de bouw van Rockefeller Center, door architect Raymond Hood ontworpen in art-deco-stijl, werd in 1929 een begin gemaakt en in 1940 is de bouw voltooid. Daarbij valt het beginjaar direct op: 1929 was het jaar van de grote beurscrash op het naburige Wall Street, maar kennelijk was dat geen beletsel. Ook de omvang van het complex is enorm. Manhattan heeft een rastervormig stratenpatroon met in de lengte van het eiland genummerde avenues en in de breedte genummerde straten. Rockefeller Center ligt tussen Fifth en Sixth Avenue en tussen 48th en 51st Street. Twee straatdelen zijn dus opgeofferd voor het gebouw.

Iets van de bouwgeschiedenis wordt zichtbaar op foto’s. Zo is er een foto van elf bouwvakkers, die gezeten op een stalen H-balk, hoog boven de stad, hun lunch verorberen. Op een andere foto zien we vier bouwvakkers een tukje doen. Maar leg de foto’s naast elkaar en je ziet twee constanten: de H-balk en een kabel waar die aan hangt. Compositorisch zijn deze elementen ijzersterk. Maar omdat ze identiek zijn, kun je niet anders dan concluderen dat de foto’s in scène zijn gezet. En als je daar vervolgens meer informatie over zoekt, vind je daar snel bevestiging van.

Tegelijk blijkt ook dat er van trucage geen sprake is geweest. De foto’s zijn wel degelijk op grote hoogte gemaakt. Voor de sessie werden drie fotografen gevraagd om het bijzondere bouwproject bij het grote publiek onder de aandacht te brengen. De bekendste foto, Lunch atop a Skyscraper, is gemaakt door Charles Clyde Ebbets. Ook aanwezig waren Thomas Kelley en William Leftwich. Een van hen legde Ebbets vast tijdens zijn werk.

Waar de bouw al een bovenmenselijke klus was, geldt dat ook voor het fotograferen. Van een kleinbeeldcamera met een rolletje was geen sprake. Ebbets werkte zoals te zien is, met een grote, zware camera en waarschijnlijk ook met glasnegatieven.      

Categorie: architectuur, Dwarskijken, fotografie Tags: Charles Clyde Ebbets, New York, Raymond Hood, Rockefeller Center, Thomas Kelley, William Leftwich

Muurmuseum: Gaudí in Nijmegen

4 maart 2022 door Peter Zunneberg

Muurmuseum, muurschildering, Ceciel Naalden, Nijmegen

Antoni Gaudí was een eigenzinnig architect. Daarvan getuigen de gebouwen die hij ontwierp, zoals de Sagrada Familia, de beroemde kathedraal in Barcelona die bijna een eeuw na zijn overlijden nog altijd niet voltooid is. Of zijn Casa Batllo waarvan het dak lijkt op een drakenrug en de balkons op maskers. Ook in de omgang met opdrachtgevers was Gaudí niet makkelijk. In het huis dat hij bouwde voor de adellijke familie Milà was geen rechte muur te vinden. Toen señora Milà vroeg of hij niet één rechte muur kon bouwen waar zij de piano tegen aan kon plaatsen, schijnt Gaudí te hebben gereageerd met een spottende vraag of zij geen fluit kon gaan spelen.
In opdracht van industrieel Eusebi Güell ontwierp Gaudí een stadspark. Op een groot braakliggend terrein bouwde Gaudí een bijzondere ingangspoort, enkele huisjes, enkele galerijen met op bomen en planten lijkende zuilen en een lange slingerende bank met mozaïek. Veel terra-kleurig mozaïek heeft geen vorm of voorstelling, maar het oogt, net als veel van Gaudí’s werk, bij uitstek organisch. In het mozaïek verwerkte hij wel kant-en-klare geëmailleerde medaillons, die zorgen voor een unieke uitstraling. Zijn ideeën voor het park schijnt Gaudí te hebben gebaseerd op wat hij tijdens zijn buitenlandse reizen, vooral naar Engeland, heeft gezien.

In de Jan van Speijkstraat in Nijmegen hebben buurtbewoners een stuk blinde muur onder handen genomen. Niet met mozaïek, maar met een muurschildering. En dan wel weer alsof het mozaïek is. Het is te grof voor een echt trompe-l’oeil, maar het is duidelijk wat het idee is. En net als bij Gaudí in Parc Güell zijn er hier en daar in het mozaïek medaillons verwerkt. Zo zien we een oudhollands, Delfts Blauw tegeltje en Zich wassende kat, naar een houtsnede van Julie de Graag. En hier werkt het trompe-l’oeil een stuk beter, want je denkt dat je naar een medaillon of in dit geval een ingelegd tegeltje kijkt, maar tegelijk zijn nog steeds de voegen zichtbaar. Dit verraadt een professionele hand, meer dan welwillende buurtbewoners voor elkaar zouden kunnen krijgen. Nu ken ik in Nijmegen een kunstenaar die zich gespecialiseerd heeft in decoratie schilderen: Ceciel Naalden. Een snelle blik op haar instagrampagina bevestigt mijn vermoeden. Ik vind het wel mooi hoe een muur in Nijmegen, via een associatie uit Barcelona en een detail van een houtsnede, leidt naar een Nijmeegse kunstenaar.

Details in een muurschildering die doet denken aan mozaïeken van Antoni Gaudí (links) zijn van de hand van decoratieschilder Ceciel Naalden (rechts)

Categorie: architectuur, Muurmuseum, schilderkunst Tags: Antoni Gaudí, Barcelona, Ceciel Naalden, Julie de Graag, Nijmegen

Dwarskijken: Babel

6 februari 2022 door Peter Zunneberg Reageer

Forum Groningen van NL Architects heeft veel weg van de Toren van Babel zoals Adriaen van Stambemt die ooit schilderde.

Wie – zoals ik – de afgelopen jaren Hamburg heeft bezocht, heeft zeer waarschijnlijk – net als ik –  de moeite genomen om in Hafen City de Elbphilharmonie te bekijken. Jarenlang was Sydney Opera House van Jørn Utzon de meest bijzondere concertzaal ter wereld, maar sinds 2016 maakt de Elbphilharmonie aanspraak op dit predicaat. Verantwoordelijk voor de concertzaal zijn de Zwitserse architecten Jacques Herzog en Pierre de Meuron. Het project in Hamburg was niet onomstreden, omdat de bouwkosten zeven keer het geraamde bedrag van 114 miljoen euro bedroegen.
Een ander project van Herzog en De Meuron is ook niet onomstreden: de Tour Triangle in Parijs. In 2009 werd de 140 meter hoge woontoren waar ook kantoorruimte en horeca zal komen, al ontworpen. Maar allerlei bezwaarprocedures hebben ervoor gezorgd dat het project nog steeds niet van start is gegaan. Maar het is zeer waarschijnlijk dat de bouw in 2022 gaat beginnen.
Ik zag pas een artist impression van de driehoekige toren en moest direct denken aan Groningen. Daar staat sinds 2019 Forum Groningen, een soort cultureel centrum, met onder meer de openbare bibliotheek. Het is een ontmoetingsplek voor de Groningers en de bezoekers van de stad. En – het moet gezegd – het gebouw, ontworpen door NL Architects, is spectaculair. Tegelijkertijd domineert het het centrum op een manier die grenst aan hoogmoed en grootheidswaan. Een beetje zoals de driehoekige toren van Herzog en De Meuron.
En dat idee van grootheidswaan wordt nog eens versterkt als we er een schilderij naast leggen. Het toont een scène gebaseerd op een verhaal uit het Bijbelboek Genesis. Na de Zondvloed spraken alle mensen nog dezelfde taal. Ze stelden voor om een stad te bouwen die zo hoog reikte dat zij hem altijd terug konden vinden. God strafte die hoogmoed af door ze verschillende talen te laten spreken, waardoor ze elkaar niet meer verstonden. Het werd het verhaal van de Toren van Babel. Aan het eind van de 16e eeuw en het begin van de 17e eeuw was het thema mateloos populair. Ook dat levert een spraakverwarring op. Is dit schilderij gemaakt door Pieter Brueghel (de oude of de jonge), zoals de meeste commerciële websites beweren. Of is het van Joos de Momper, Hendrick van Cleve, van Lucas of Marten van Valckenborch, die allen geregeld Torens van Babel schilderden? Op de website van de RKD vind ik het meest betrouwbare antwoord: het wordt toegeschreven aan Adriaen van Stalbemt, een schilder die in 1580 werd geboren in Antwerpen en daar in 1663 overleed. Het is vooral de groep mensen linksvoor die overeenkomt en die Van Stalbemt als maker bevestigt. Want een exacte kopie van het schilderij is het niet: er is een duidelijk verschil in hoogte van de torens. Je kunt je afvragen of het überhaupt uitmaakt wiens Toren van Babel ik kies als illustratie bij een stuk over hoogmoed in de architectuur. Nou zijn bijna alle geschilderde torens conisch, terwijl deze van Van Stalbemt recht is en juist daardoor lijkt hij model te hebben gestaan voor het Forum Groningen.

Twee keer Toren van Babel van Adriaen van Stalbemt

Je zou van elke toren kunnen zeggen dat hij iets van hoogmoed uitstraalt, omdat hij altijd zichtbaar moet zijn als bindend element voor een groep mensen. De alsmaar groter wordende technische mogelijkheden leiden in de architectuur al heel lang tot steeds meer bravoure en misschien ook wel hoogmoed. Eigenlijk is het een wonder dat het tot de 21e eeuw geduurd heeft voor men daadwerkelijk torens van Babel ging bouwen naar geschilderde voorbeelden.        

Categorie: architectuur, schilderkunst Tags: Adriaen van Stambemt, Groningen, Jacques Herzog, NL Architects, Parijs, Pierre de Meuron

Volgende »

Categorie

  • architectuur
  • beeldhouwkunst
  • Dwarskijken
  • erfgoed
  • film
  • fotografie
  • Jaar van het boek
  • Kunstcolumn
  • literatuur
  • Muurmuseum
  • muziek
  • omgevingskunst
  • Op zoek naar Schwind
  • poëzie
  • schilderkunst
  • School en kunst
  • stedenbouw
  • street art
  • tekenkunst

Trefwoorden

Adolf Friedrich von Schack Amersfoort Amsterdam anoniem Arnhem Berlijn Den Bosch Den Haag Deventer Doetinchem Dordrecht Eindhoven Enschede Franz Schubert Gent Gorinchem H.H. ter Balkt haiku Harderwijk Hengelo Ida Gerhardt Ingmar Heytze Jaap Robben Jules Deelder Leeuwarden Leiden Maastricht Michelangelo Middelburg Moritz von Schwind München Naarden Nijmegen Nunspeet Rome Rotterdam sonnet stadsdichter Tilburg Utrecht Venetië Watou Wenen Willem Wilmink Zutphen

Alle trefwoorden

Copyright Dorsoduro © 2026 · Log in